Klokjesluider

draagbare uurwerken

je bent nu hier: home---achtergronden---draagbare uurwerken



Inleiding

De uitvinding en ontwikkeling van mechanische tijdmeting heeft een grote invloed gehad op de economische vooruitgang van onze samenleving. De mate van draagbaarheid van uurwerken heeft daarbij een grote rol gespeeld. Wat betreft de Industriële Revolutie is niet de stoommachine de belangrijkste uitvinding geweest, maar het nauwkeurige uurwerk.

De geschiedkundige beschrijving van het ontstaan van klokken en horloges wordt bemoeilijkt door begripsverwarring. Met het nederlandse woord "uurwerk" wordt zowel een dameshorloge als een torenuurwerk aangeduid; horloge betekent letterlijk "tijdaanduider". Wij denken dan aan een klein draagbaar voorwerp, maar een Amsterdams staand horloge heb je liever niet om je pols. Is er sprake van een zonnewijzer, een zandloper, een wateruurwerk? Het begrip klok is ook verwarrend: is dat niet het bronzen ding dat zo'n geluid maakt? In ieder geval is een uurwerk iets met tandwielen.
Ik gebruik hier het woord horloge om een draagbaar uurwerk aan te duiden, en dan met name het zakhorloge en het polshorloge. Voor niet-draagbare uurwerken gebruik ik het woord klok. (De geschiedenis van tijdmeting met waterklokken in China, die veel ouder is, wordt hier buiten beschouwing gelaten.)


Waarom is het uurwerk uitgevonden?

De allereerste klokken waren bedoeld voor geestelijken die 's nachts hun bed uit moesten om de Metten (nachtwake) te bidden (Vader Jacob, slaapt gij nog). Deze (Europese) klokken waren daarom al van meet af aan voorzien van wekkermechanismen. Anderszins waren klokken van belang bij het bepalen van de werktijden van de arbeiders, en meningsverschillen met de werkgevers over de duur van arbeidstijden en pauzes waren een belangrijke stimulans om klokken nauwkeuriger te laten lopen. Voor het overige gaven klokken wel enige structuur aan de dagindeling, maar van tijdmeting in economische zin was nog geen sprake; men werkte van zonsopgang tot zonsondergang, en wat dat betreft voldeed een zonnewijzer of een luidklok als tijdsaanduiding uitstekend. Elke gemeenschap had zijn eigen plaatsgebonden tijd; echte behoefte aan draagbare uurwerken was er niet.


Draagbare uurwerken

Het horloge kon pas dank zij de uitvinding van de opwindveer als energiebron tot ontwikkeling komen.
Over de ontstaansgeschiedenis van het allereerste horloge is veel discussie geweest. In het algemeen wordt de uitvinding toegeschreven aan een Neurenbergse slotenmaker, Peter Hele, die omstreeks 1512 een "zelfgaand uurwerk" zou hebben gemaakt in een reukbal (dit waren draagbare ronde kastjes, gevuld met reukmiddel, als afweer tegen infectieziekten). Bij gebrek aan documentatie omtrent andere uurwerkmakers wordt sinds die tijd Peter Henlein, in ieder geval een Neurenberger, beschouwd als de uitvinder van het zakuurwerk, het zogenaamde Nürnberger Ei. Andere bronnen vermelden echter al in de tweede helft van de 15e eeuw uurwerken die men aan het lichaam kon dragen.
De eerste draagbare uurwerken werden om de hals of aan een ceintuur gedragen. Pas bij een wijziging in de mode, waarbij lange jassen en vesten in zwang kwamen, werd het horloge in een (vest-)zak gedragen.


Tijdmeting

Uurwerken zoals wij die kennen, zijn het product van een systematische zoektocht naar een instrument, dat zo nauwkeurig mogelijk de tijd kan meten. Wij moeten echter goed in het oog houden dat de tijdmeting van de eerste horloges zeer onnauwkeurig was. Bovendien waren horloges zeer duur en derhalve alleen bereikbaar voor de rijke heersende klasse. Ze hadden vooral betekenis als sieraad en frivool speelgoed.
Een nieuwe impuls aan nauwkeurigheid van draagbare uurwerken werd gegeven door de expansie van de scheepvaart, en de behoefte aan nauwkeurige plaatsbepaling van de lengtegraad met behulp van een draagbare (lees: voor beweging ongevoelige) tijdmeter.
De techniek binnenin het horloge werd steeds geavanceerder, maar dat maakte horloges niet bereikbaarder voor de gewone man. Pas na de ontwikkeling van goedkope, industriële massaproductie en de opkomst van snel personenvervoer in de vorm van spoorwegen, kwam er een doorbraak in de verbreiding van horloges onder een groot publiek. Wegens de snelle verplaatsingen voldeden de lokale zonnetijd en de torenklokken niet meer, en er ontstond behoefte aan uniforme tijdzones voor verschillende lokaties.
Alhoewel standaarden voor nauwkeurige tijdmeting al eeuwen bestonden, was dit vooral in een wetenschappelijke context. Nu werd standaardisering van tijd belangrijk voor het grote publiek: de reizigers wilden hun trein op tijd halen, en de spoorwegmaatschappijen wilden de treinen niet laten botsen. Deze nieuwe normen gaven een grote impuls aan de economie: mensen hoefden niet meer op elkaar te wachten, er ontstond een betere synchronisatie van activiteiten.



✉ dehaas@klokjesluider.nl
☎ 06 4381 7181

© Minimal Strain Design Max M.de Haas, Klokjesluider 2019